Er zijn van die verhalen die iets raken in hoe je kijkt naar werk, naar leren, naar ouder worden. Het verhaal van Pierre Soulages is er zo een. Niet omdat hij een wereldberoemde schilder was; dat zijn er wel meer. Maar omdat hij in een vergevorderd stadium van zijn leven en loopbaan zijn hele manier van werken omgooide. En daar ongelofelijk gelukkig van werd. Eigenlijk nog succesvoller dan hij al was. Maar dat terzijde.
Soulages (1919 – 2022) begon zijn carrière als kunstenaar met houtskooltekeningen en etsen. Het werkte fijnzinnig en technisch. Zijn naam was al gevestigd toen hij, ver in de tachtig, begon te experimenteren met iets wat je gerust radicaal mag noemen. Hij ging schilderijen maken die volledig zwart zijn. Geen kleur. Alleen zwart. Met paletmessen, borstels, stokken, staven en zijn handen bracht hij dikke lagen zwarte verf aan op wit doek. Hij kraste, schraapte, veegde en smeerde. Juist door die textuur begint het zwart te leven. Het licht valt op de ribbels, reflecteert op glanzende delen, verdwijnt in matte vegen. Soulages noemde het Outrenoir, letterlijk: “overdreven zwart”. Hij creëerde zo een nieuwe wereld. En dat allemaal op een leeftijd waarop velen zich terugtrekken. Zijn experiment bracht hem niet alleen artistiek succes, maar ook diepe vervulling. Pierre Soulages werd 101 jaar oud en werkte tot vlak voor zijn dood, vitaal, nieuwsgierig, levend. Wat kunnen wij, ‘gewone’ werkende mensen, daar van leren?
Leren is geen fase. Het is een houding.
Soulages laat zien dat leren en ontwikkelen niet iets is wat je “doet tot je pensioen”. Het is een manier van in het leven staan. Nieuwsgierig durven blijven. Niet bang zijn om iets helemaal anders te proberen. Zelfs als je al decennialang ergens goed in bent.
In veel organisaties praten we over duurzame inzetbaarheid alsof het een beleidsterm is. Iets met gezondheid en opleiding en werkdruk. En natuurlijk, dat hoort erbij. Maar de essentie ligt dieper. Voel je je nog uitgedaagd? Mag je nog spelen? Voel je eigenaarschap over je werk? Heb je ruimte om te experimenteren?
Soulages voelde zich in zijn zwarte werken misschien wel méér schilder dan ooit. Niet omdat het perfect was, maar omdat het hem raakte. Omdat het nieuw was. Omdat hij zichzelf verraste. Dat is de kern van werkgeluk: niet de afwezigheid van gedoe, maar de aanwezigheid van betekenis. Van creativiteit. Van ruimte om te doen wat ertoe doet; voor jezelf én voor anderen.
En misschien… misschien worden we daar ook wel ouder van.
In Rodez, de geboortestad van Soulages, staat een museum dat volledig aan zijn werk is gewijd. Het is een modern, strak gebouw van donker staal, dat schitterend contrasteert met de oude kathedraal een eindje verderop. Binnen is het licht zó gekozen dat het spel tussen zwart en reflectie je bijna fysiek raakt. Alsof je ín het werk stapt. De zwarte schilderijen fascineren en hypnotiseren. In de eerste zalen van het museum hangt Soulages vroegere werk. Mijn destijds puberzonen klaagden in die ruimtes steen en been. Hoe lang moesten zij nog blijven, het was er immers ‘supersaai’. Totdat we bij de zalen met de zwarte werken kwamen. Toen raakten ook zij betoverd.
Soulages werk is een ode aan de verbeelding. Net als het museum. Het zegt iets over wat er gebeurt als iemand zijn hele leven blijft leren en creëren. Dat heeft impact. Op een stad. Op bezoekers. Op generaties kunstenaars na hem.
Dus de volgende keer dat je denkt: “Ach, ik ben daar te oud voor”…
Denk dan aan Pierre Soulages.
- Aan de man die op z’n 80e zijn stijl opnieuw uitvond.
- Aan de kunstenaar die het zwart liet stralen.
- Aan het bewijs dat werkgeluk, leren en levenslust geen houdbaarheidsdatum hebben.
Of, zoals Soulages het zelf zei:
“C’est ce que je fais qui m’apprend ce que je cherche.”
(Het is wat ik doe, dat me leert wat ik zoek.)
Misschien is dat wel de essentie van duurzaam en waardevol werken.

