Op 23 januari ging Maarten Bouwhuis van BNR backstage bij ontwikkelingsbank FMO in Den Haag. Hier hoort iedereen bij de club. Ook de schoonmakers en cateringmedewerkers die extern worden ingehuurd. Waarom?

Een tijdje geleden was het nog volop in het nieuws: schoonmakers voelden zich buitenstaanders, weggezet aan de randen van de samenleving. Via stakingen werd aandacht gevraagd voor het probleem. Kees Blokland, voormalig personeelschef van de NS, schrok zich rot toen hij ontdekte hoe de schoonmaak bij stations was ondergebracht en ondernam actie. Hij adviseert sindsdien vanuit van de stichting voor Verantwoordelijk Marktgedrag: koop niet alleen in op kosten, maar ook op kwaliteit en waarde.

Bij FMO is niet gestaakt, maar Susanne Kamp, manager facility services bij FMO, beschouwde dit als een wake-upcall en besloot te zorgen dat ook de schoonmaak, al zijn de mensen ingehuurd, bij het team zouden gaan horen. Samen lunchen en socializen, dagdiensten draaien, elkaars hulp inroepen voor het werk, mee met teamuitjes, een kerstpakket. ‘Gewoon respect hebben voor elkaar’ is belangrijk; niet alleen voor de schoonmaak maar ook voor de catering – kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt.

Ook aan tafel: Freek Peters, hoogleraar leiderschap aan de Tilburg University. Hij beaamt: mensen die goed worden behandeld, zijn loyaler aan het bedrijf. Het is ook geen of-of: ook als je scherp moet letten op marges, kun je mensen behandelen op een manier dat ze zich erbij voelen horen.

Beluister de uitzending hier.