IJsland Gidsland

Op 24 november was het Equal Pay Day: de dag waarop mannen gemiddeld net zoveel hebben verdiend als vrouwen in een heel jaar. Die datum schuift gelukkig steeds verder op, maar nog altijd werken vrouwen jaarlijks gemiddeld zo’n zes weken ‘gratis’. Hoe dichten we de loonkloof van ongeveer 10%? Misschien helpt het om te laten zien wat er gebeurt als vrouwen hun werk neerleggen. In IJsland deden vrouwen dat vijftig jaar geleden, op 24 oktober 1975 om precies te zijn. Tot die tijd kende het land zeer traditionele verhoudingen. Mannen hielpen nauwelijks in het huishouden, en vrouwen deden vooral laagbetaald werk. Zij die buitenhuis werkten, verdienden minder dan 60% van wat mannen verdienden. Bovendien hield wetgeving vrouwen aantoonbaar op achterstand.

Op die herfstdag in 1975 besloot 90% van alle IJslandse vrouwen een dag vrij te nemen van hun betaalde én onbetaalde werk. Feitelijk was het een massale staking, maar omdat dat woord te hard klonk, werd de actie omgedoopt tot de Women’s Day Off. Aanvankelijk namen veel mannen de actie niet serieus. Ze dachten dat vooral een kleine groep radicale types zou demonstreren op het IJslandse Malieveld. Maar naarmate de datum dichterbij kwam, werd duidelijk dat vrouwen daadwerkelijk niets zouden doen die dag. Sommige mannen probeerden hen te overtuigen, smeken of zelfs te intimideren, maar het momentum was niet meer te stoppen. Buurvrouwen spraken elkaar moed in en vriendinnen belden elkaars werkgevers om te melden dat Halla of Vigdis die dag niet kwam werken.

Die ochtend trokken honderdduizenden vrouwen – IJsland heeft niet veel inwoners – de deur dicht, en gingen op weg richting pleinen en buurthuizen. Ze lieten hun mannen achter met kinderen in pyjama en zonder gesmeerde boterhammen. Veel scholen sloten die dag omdat de meerderheid van de leerkrachten vrouw was. Ook winkels en bankkantoren bleven dicht vanwege personeelstekort. Mannen namen hun kinderen noodgedwongen mee naar het werk, en ontdekten hoe het is om werk- en zorgtaken te combineren. En zo kon het gebeuren dat de presentator van het ochtendjournaal halverwege de uitzending gestoord werd door zijn kind, dat in beeld kwam melden dat-ie honger had. Het werd een dag van kleurplaten in vergaderzalen, aangebrande hotdogs en snoep als ontbijt, lunch én avondeten. IJslanders van rond de zestig vertellen die verhalen nog steeds.

De gevolgen van die ene dag waren enorm. In 1976 nam het parlement een wet aan die gelijke beloning regelde. Vier jaar later, in 1980, werd IJsland het eerste Europese land dat een vrouwelijke president koos. Tegenwoordig kent het land een vrijwel gelijke man-vrouwverdeling in de politiek en is de loonkloof aanzienlijk kleiner. De Women’s Day Off bleek een kantelpunt.

In Nederland lukt zo’n landelijke staking vooralsnog niet, ondanks herhaalde oproepen. Tussen droom en daad staan blijkbaar veel praktische bezwaren. Toch zijn er ook andere manieren om de impact van vrouwen zichtbaar te maken. Dat begint bij erkennen wat vrouwen allemaal al in huis hebben, niet in de laatste plaats door vrouwen zelf. In 2019 onderzocht Zenger Folkman negentien bewezen leiderschapskwaliteiten, zoals initiatief nemen, resultaatgerichtheid, krachtige communicatie en het stimuleren van anderen. Zowel mannen als vrouwen deden een assessment op deze kwaliteiten. Wat bleek? Vrouwen scoorden op zeventien van de negentien kwaliteiten beter dan mannen. Maar wanneer beide groepen werd gevraagd hoeveel leiderschapskwaliteiten zij zelf dachten te bezitten, schatten vrouwen zichzelf steevast lager in.

Hoe doorbreken we dit patroon? Hoe leggen we dat stemmetje het zwijgen op dat fluistert: “Wie ben ik om dit te vinden?” of “Straks klopt het niet wat ik zeg en val ik door de mand.” Allereerst door niet alles te geloven wat je denkt. En door soms iets te doen wat je spannend vindt. De Deense filosoof Søren Kierkegaard zei: “Durven is even je evenwicht verliezen. Niet durven is uiteindelijk jezelf verliezen.” Daarom: beste vrouwen, durf voor je talenten uit te komen. Durf op te staan voor jezelf. Maak jezelf niet kleiner dan je bent — en laat je ook niet kleiner máken. Female impact? Dat hebben we allang. Daarvoor hoeven we niet harder te werken, niet beter te onderhandelen en niet meer op mannen te gaan lijken. Maar we moeten er wél zelf in geloven. Want als we dat zelf niet doen, wie dan wel?